Watersoap bij kermisbouw Rhenen

RHENEN - Als vrijdagmiddag in Rhenen de lichtjes aangaan en muziek, toeters en gegil over de Rijn klinken, zal het allemaal best in orde zijn. Maar gisteren was het toch even flink zweten voor kermisbaas Martin Verdonk. De opbouw van de Rhenense kermis verliep voorspoedig; hijskranen takelden het ene na het andere kermisonderdeel de lucht in. Op één attractie na: de wildwaterbaan. Want waar kan in hemelsnaam het o zo nodige water vandaan komen?


De opbouw van de Rhenense kermis was gisteren in volle gang. Het door Rhenen zo gewenste reuzenrad stond ook al overeind. - Foto: Cord Otting

De wildwaterbaan heeft zo'n honderdvijftig kuub water nodig. Verdonk rekende erop dat de Rijn enkele meters naast de attractie een uitstekende bron zou zijn. Maar de eigenaar van de wildwaterbaan dacht daar anders over: rivierwater is nog niet zo heel erg fris en omdat er spetters op de kleding van het publiek kunnen komen, is drinkwater vereist.

En daarmee begon een dag vol onzekerheden en onduidelijkheden. Want waar haal je zomaar even honderdvijftig kuub water vandaan? "Ik kan het nergens krijgen. De brandkraan bij de loswal, waar water voor de kermisgezinnen is, zou logisch zijn", aldus Verdonk. "Maar daar krijg ik van het waterbedrijf geen toestemming voor. Ze zijn bang voor bruin water."

Een andere optie zou het halen van water bij de grotendeels gesloopte bouwval van De Stichtse Oever zijn. Verdonk: "Daar zou dan even een meter op gezet kunnen worden. Maar dan moet je eerst de volgelopen kelder in en vervolgens is het niet duidelijk of die kranen zijn afgesloten of niet."

Vervolgens heeft hij maar een telefoontje gepleegd met een tankvrachtwagenbedrijf uit Lekkerkerk. "Die zouden dan kunnen komen om water te halen bij de Westpoort en dat driehonderd meter verderop bij de wildwaterbaan weer lossen. Ik wacht nog op de offerte, want het moet wel betaalbaar blijven."

Ondanks dat de rest van de opbouw uiterst voorspoedig verloopt toch een rotdag voor de kermisman. "Dat gedoe met dat water, daar word je toch helemaal niet goed van."

Bron: De Gelderlander

 2004-07-03